-50!

Al maanden schommelt mijn gewicht rond de 87 kilo. Af en toe komt er iets bij (een paar keer medicijnen gehad voor een ontstoken teen/voet; dan tikt de weegschaal zo een paar kilo meer aan), maar dat gaat er ook weer af. Bij de Obesitaskliniek geven ze aan dat, als je een BMI van 30 hebt bereikt (dat was bij mij bij 95 kilo), je dusdanig veel gezondheidswinst hebt geboekt, dat je daar heel tevreden mee mag zijn. En vooral niet teleurgesteld als het daarbij blijft. Covid heeft ons wel heel erg met de neus op de feiten gedrukt: met overgewicht ben je een stuk kwetsbaarder voor complicaties. Dus heel stiekem wil ik wel naar een BMI van 25. Met een gewicht van rond de 87 kilo is mijn BMI zo’n 27,5.

Als ik bij de huisarts zit (vanwege die ontstekingen) constateert ze dat ik toch wel heel goed ben afgevallen. Op mijn opmerking dat ik zo graag dat BMI van 25 zou willen, vooral om gezondheidsredenen, kijkt ze me aan en zegt: ‘Focus vooral niet te veel op die 25. In jouw benen (met die geweldige ‘compressiekousen’, zie mijn blog van oktober) zit wel een paar kilo vocht. Dat krijg je niet weg en heeft eigenlijk niks met je gewicht te maken. Je bovenlijf is prima zo en geeft beslist geen aanleiding tot extra zorgen als je Covid zou krijgen.’ Dát is even een fijne eyeopener!

Maar er is nog een ander getalletje: als mensen me nu vragen hoeveel ik ben afgevallen is dat ‘bijna 50 kilo’. Maar hoe leuk is het als je dan kunt zeggen: ‘Ruim 50 kilo’? Ik weet het, voor mijn gezondheid maakt het echt niet uit, het is maar een getal, maar oh wat zou ik er blij van worden. En: die -50 bereik ik bij 86,5, dus zo gek is het niet. Alleen… de weegschaal vertikt het. Heel soms staat-ie een paar ons onder de 87, maar een aantal dagen lang echt die 86,5 (ik woog in februari 2019, toen ik de intake deed in Velp 136,5 kilo) of iets minder aantikken, zit er al maanden niet in (begin februari staat de weegschaal voor het eerst op 87,5, dus er gaat al vier maanden niks meer af).

Anderhalve week geleden staat de weegschaal op 86,3. Daarna gaan we een week met vakantie. Ik drink witte wijntjes (zelfs een paar keer een gin-tonic), en zit niet heel strak op mijn eetschema van zes gezonde eetmomenten per dag en voldoende eiwitten. We lunchen gezellig onderweg als we aan het fietsen zijn. Van twee boterhammen met kaaskroketjes kan ik alleen de kroketjes eten en een paar stukjes tomaat, en van een bol brie alleen de brie, de noten en twee hapjes brood. We gourmetten (twee stukjes stokbrood, vier stukjes vlees, wat groente en één hapje huzarensalade), en dineren nog twee keer buiten de deur. Beide keren neem ik een voorgerecht als hoofdmaaltijd. Nee ik eet niet veel, maar ook niet altijd even gezond. En lekker dat het is! Alles wat ik voor de operatie lekker vond, smaakt nu ook weer prima. En met de kleine beetjes ben ik helemaal gelukkig en tevreden. Als mijn vakantiegenoten een ijsje eten, doe ik niet mee (ik proef wel van alle smaken een minihapje), en behalve het ene koekje per dag (dat doe ik al vanaf het begin), eet ik geen tussendoortjes. Maar spannend vind ik het wel: wat doet de weegschaal als we weer thuis zijn? Nou: die blijft onder de 86,5! Al de hele week. Het kan dus: op vakantie even afwijken van het strakke regime (dat me overigens geen moeite kost). Hoe fijn is dat?
Precies vandaag (11 juni) is het anderhalf jaar gelden dat ik werd geopereerd. En als je me nu vraagt: ‘Hoeveel ben je afgevallen?’, durf ik met trots te zeggen: ‘Ruim 50 kilo!’

Uw e-mail bericht wordt niet gepubliceerd. Naam en e-mail velden zijn verplicht

19 − 6 =