Veertig jaar…

Vandaag is het 40 jaar geleden dat we trouwden. Na een helse winter (waarbij in ons ‘nieuwe’ flatje aan de Hobbemastraat de bloemen permanent op de ruiten stonden), is 20 mei 1980 een prachtige, warme, zonnige dag. Wat zijn we jong (ik was 22!) en naïef als we de stap wagen. Hoewel: mijn vriendinnen trouwen niet veel later, het is eind jaren zeventig, begin jaren tachtig, heel gewoon om jong in het huwelijksbootje te stappen. Samenwonen (hokken!) is voor een keurig katholiek stel (ja, we hebben elkaar leren kennen op het kerkkoor, René speelde orgel, ik was het sopraantje van de zangvereniging) nog niet aan de orde, dus als je samen wilt zijn, moet er eigenlijk getrouwd worden.

We hebben een flatje, we hebben meubels, allebei een baan en genoeg gespaard om zo’n honderd gasten te kunnen uitnodigen voor de bruiloft. Het is een prachtige dag: we voelen ons echt een paar uur het middelpunt van de wereld. Dan begint ons ‘grotemensenleven’. Als we nog geen twee jaar zijn getrouwd kopen we – met behulp van een lening van tante Jeanne – een ‘Premie-A-woning’. Een nog te bouwen huis, waarvan ik de prijs niet meer weet, maar we krijgen een flinke som subsidie van de overheid omdat de hypotheekrente op dat moment 13,4% (!) is.

We wonen er 17 jaar. In die jaren worden onze drie meiden geboren. Renate, een blakende, kerngezonde baby, Merette, waarvan we al snel weten dat ze het Syndroom van Down heeft, en Roosmarijn, het derde meisje (drie kleuren ook, een blonde, een rode en een donkere). Op het oog is Roos gezond, maar na een maand of vijftien weten we dat ze coeliakie heeft: een glutenintolerantie. Daar kan ze honderd mee worden, maar dan moet ze zich wel aan een streng glutenvrij dieet houden. Daar is in die tijd nog weinig over bekend.

Het zijn tropenjaren, de jaren met drie kleine dames in huis, waarvan er twee zorgintensief zijn, maar ook prachtige jaren. Met lieve buren en vrienden om ons heen zien we de meiden, elk op hun eigen wijze, opgroeien. Ik ben thuisblijfmoeder, zoals bijna elke moeder in die tijd (er is voor Merette ook geen opvang te regelen), maar het lukt me wel om wat bij te verdienen door huiswerkbegeleiding te geven en daarna thuiswerk te gaan doen bij Kluwer. René volgt de lerarenopleiding (veertig uur werken in de elektrotechniek, twaalf uur naar school én huiswerk) en gaat aan het werk als docent. Ach, we zijn jong en kunnen de wereld aan!

Als de dames wat groter zijn (de jongste is zes) blijk ik een tumor te hebben aan mijn rechternier. Het ziet er allemaal zorgelijk uit, maar uiteindelijk blijkt het een goedaardige tumor te zijn. Wat een opluchting; ik mag nog even verder! Op mijn 39e ga ik bij Kluwer aan het werk als bureauredacteur en komt er een einde aan mijn thuisblijfmoederbestaan.
In tussentijd zijn er ook zorgen om ouders. Mijn vader heeft een ernstig ‘kampsyndroom’ zoals het dan nog heet (nu noemen we het PTSS), mijn schoonmoeder blijkt schizofrenie te hebben. Dat verklaart veel van haar gedrag, dat we heel lang niet konden plaatsen, maar is wel een heel verdrietige constatering.
In 1997 overlijden kort na elkaar de beide opa’s van de meiden. Naast je eigen verdriet, moet je dan als ouders ook het verdriet van je kinderen opvangen. Het hoort bij het leven, maar het zijn pittige lessen.
Na 17 jaar met heel veel plezier in ons Premie-A-huis gewoond te hebben, verhuizen we met drie pubers naar de Vijfhoek, naar een huis dat wat meer ruimte biedt.

Op 20-05-2005 (daar is over nagedacht, 25 jaar geleden, maar niet heus) zijn we 25 jaar getrouwd. Renate woont dan inmiddels op kamers en Merette sinds een paar weken bij Zozijn. We willen een feestje vieren, maar vanwege de bijzonder datum is er geen zaal te krijgen. We wijken uit naar 19 mei en knallen onze 25 jaar om 12.00 uur in met bubbels, vuurwerk en heel veel lieve vrienden om ons heen.
Renate en Roos zijn beiden afgestudeerd aan de universiteit. Daar ben ik heel trots op, maar ik realiseer me ook dat het een cadeautje is als je gezegend bent met een goed stel hersens. Daar heb je als ouders heel weinig over te zeggen, je kunt hooguit de voorwaarden scheppen om ze de gelegenheid te bieden om dan ook iets te doen met die hersens. Ik denk dat we dat hebben gedaan.

Zeker zo trots ben ik op Merette: ze woont in ‘haar eigen huis’, heeft fijne dagbesteding, leuke vrijetijdsactiviteiten en is opgebloeid tot een prachtige jonge vrouw met Down. Haar IQ mag dan niet al te hoog zijn (met de MsC’s van de andere dames halen we nog een heel behoorlijk gemiddelde in huize Sluiseman), haar (sociale) EQ is dat des te meer.

Renate heeft haar hart gevolgd en heeft zeven jaar in Oeganda gewoond. Inmiddels is ze een paar jaar terug in Nederland met de leukste (en de mooiste) kleinzoon van de wereld. Bulungi, onze stichting in Kampala om kinderen met een beperking te ondersteunen, draait nu vanuit Nederland. Een klein, maar gezellig huisje en een fijne baan bij de gemeente brengen haar in wat rustiger vaarwater.

Roosmarijn heeft, samen met Sander, met wie ze inmiddels twaalf jaar samen is, een lastige start gehad op de arbeidsmarkt vanwege de financiële crisis, maar hebben inmiddels allebei een mooie grotemensenbaan en een grotemensenhypotheek.
Opvoeding geslaagd, denk ik. Ik hoop dat de dames dat zelf ook vinden.
De afgelopen jaren zijn niet altijd even makkelijk. René heeft twee keer een pittige burn-out, door alle veranderingen in het onderwijs, en de tweede keer leidt dat tot een onvrijwillig afscheid van het onderwijs. Inmiddels geniet hij van zijn welverdiende pensioen (na 48 jaar werken).
Van alle zorgen die er toch wel zijn geweest, ben ik te veel gaan eten en heb een ongezond overgewicht. Net op het moment dat ik er aan toe ben om daar met een maagverkleining iets aan te gaan doen (en geloof me, het duurt jaren voordat je jezelf toe wilt geven dat er iets moet gebeuren en dat je dat niet in je eentje kan), blijkt – in februari 2019 – uit het bevolkingsonderzoek dat ik borstkanker heb. Na een operatie en bestralingen moet ik nog zeven jaar een antihormoonkuur volgen, omdat de schildwachtklier niet schoon blijkt. De maagverkleining komt er uiteindelijk in december 2019.

Vandaag blik ik terug op die veertig jaar. Met een tikkeltje weemoed, want jeetje, wat vliegt de tijd. Veertig jaren met ups en downs geloof me, er is heus wel eens met deuren geslagen en we hebben ongetwijfeld allebei wel eens gedacht; nu ben ik er klaar mee, maar ondertussen zijn we fijn nog samen, en dat mag je in deze tijd bijna een bijzonderheid noemen. Zo jong en naïef als we begonnen aan het avontuur, zijn we door het leven volwassen geworden, zoals het hoort.
Om het roerige jaar 2019 af te sluiten, maar vooral om ons 40-jarig huwelijk te vieren, boeken we een reisje naar Parijs. Met Renate en Luca, Merette en Roosmarijn en Sander willen we daar het leven vieren dat we de afgelopen veertig jaren hebben geleefd.

Corona beslist anders. Waar we vandaag met zijn allen op de Eiffeltoren aan de champagne hadden moeten zitten, zitten we met zijn tweetjes thuis. Geen Parijs, en ook geen gezellige avond met vrienden en familie op een mooie zomerdag, zoals we eigenlijk in de planning hadden. Het zal er dit jaar niet van komen. Maar die veertig jaar: die pakt niemand ons af!

One thought on “Veertig jaar…

  1. Nephthys

    mei 20, 2020 at 2:02pm

    Wat mooi om te lezen en gefeliciteerd met deze mijlpaal v 40 jaar huwelijk. Wij hebben vorig jaar op deze mooie dag ons jawoord gegeven bij de gemeente.

    • Monica

      mei 21, 2020 at 6:13pm

      20 mei is een prachtige dag om te trouwen!

  2. Karin Rutgers

    mei 20, 2020 at 9:04pm

    Gefeliciteerd Monica met jullie huwelijksdag, een hele fine dag gewenst. Parijs komt nog wel een keer. Wat lijkt Renate op jou zo te zien aan je jonge foto’s

    • Monica

      mei 21, 2020 at 6:14pm

      Dankjewel Karin!

  3. Ireen Slootmaaker

    mei 21, 2020 at 6:34pm

    Wat een mooi, open, verhaal!
    Nogmaals van harte gefeliciteerd en op naar de volgende mijlpalen in jullie leven.

Uw e-mail bericht wordt niet gepubliceerd. Naam en e-mail velden zijn verplicht

4 + 20 =